Deze les gaat over identiteit. Niet de identiteit die je hebt opgebouwd door je naam, beroep, geschiedenis, successen of mislukkingen. Niet de identiteit die gevormd is door wat anderen van je vinden. Deze les wijst naar een diepere werkelijkheid: jouw ware Zelf is niet los van God. Wanneer je Gods Naam aanroept, herinner je jezelf aan wie je werkelijk bent.
In gewone taal zegt deze les: stop even met jezelf te zien als een afzonderlijk persoon die zich door het leven moet worstelen. Herinner je dat er een diepere laag van zijn in jou aanwezig is die altijd heel, vrij en verbonden is geweest.
De "Naam van God" staat hier niet zozeer voor een woord, maar voor een staat van bewustzijn. Het is een herinnering aan de bron waaruit alles voortkomt. Wanneer je die bron herinnert, verliezen de vele andere namen waarmee je jezelf en de wereld hebt bestempeld hun macht.
Denk eens aan hoeveel labels we dagelijks gebruiken:
Ik ben succesvol.
Ik ben onzeker.
Ik ben manager.
Ik ben vader.
Ik ben spiritueel.
Ik ben slachtoffer.
Ik ben winnaar.
Deze les nodigt uit om achter al die etiketten te kijken. Wat blijft er over wanneer al die namen wegvallen? Wat ben je dan?
Volgens Een Cursus in Wonderen is dat het Zelf dat één is met God.
De non dualistische betekenis
In de Advaita Vedanta wordt gezegd: Atman is Brahman. Het diepste Zelf en de absolute werkelijkheid zijn niet twee verschillende dingen.
In Zen spreekt men over het oorspronkelijke gezicht dat je had voordat je geboren werd. Dat verwijst naar dezelfde dimensie van zijn die voorafgaat aan alle persoonlijke kenmerken.
In het taoïsme wordt gezegd dat het Tao dat benoemd kan worden niet het eeuwige Tao is. Zodra we iets een naam geven, beperken we het. De werkelijkheid zelf overstijgt alle begrippen.
In het boeddhisme wordt gewezen op Sunyata, leegte. Dat betekent niet dat er niets is, maar dat geen enkel verschijnsel een afgescheiden, zelfstandig bestaan heeft. Alles is verbonden.
De les gebruikt christelijke taal over God en Zijn Naam, maar wijst uiteindelijk naar dezelfde directe ervaring waar ook andere non dualistische tradities naar verwijzen: achter alle vormen en namen bestaat een fundamentele eenheid.
Vanuit traditionele religies
Binnen het christendom verwijst deze les naar de diepe verbondenheid tussen de mens en God. Niet als gelijkheid van persoon, maar als deelname aan Gods liefde en leven.
Binnen de islam speelt de herinnering aan God, dhikr, een centrale rol. Door voortdurend Gods Naam te herhalen wordt het hart gezuiverd van afleiding en keert het terug naar de Ene.
Binnen het hindoeïsme worden mantra's gebruikt om de aandacht van de wereld van vormen terug te brengen naar Brahman, de ultieme werkelijkheid.
In alle tradities vinden we dezelfde beweging: van verdeeldheid naar eenheid, van identificatie met vorm naar herkenning van de bron.
Praktische toepassing voor professionals, leiders en coaches
In de zakelijke wereld worden mensen vaak volledig geïdentificeerd met hun functie, prestaties of resultaten.
Een directeur denkt: ik ben mijn bedrijf.
Een verkoper denkt: ik ben mijn omzet.
Een manager denkt: ik ben mijn positie.
Daardoor ontstaat angst. Want zodra resultaten tegenvallen lijkt ook je identiteit onder druk te staan.
Deze les biedt een fundamenteel andere basis. Je waarde komt niet voort uit wat je doet. Je waarde komt voort uit wat je bent.
Een leider die dit begrijpt wordt minder defensief.
Een ondernemer wordt minder afhankelijk van externe bevestiging.
Een salesprofessional wordt minder bang voor afwijzing.
Een coach leert cliënten voorbij hun verhalen en labels te begeleiden naar hun diepere aanwezigheid.
Een krachtige coachvraag die uit deze les voortkomt is:
"Wie ben jij zonder het verhaal dat je vandaag over jezelf vertelt?"
Of:
"Welke identiteit probeer je vast te houden, en wat gebeurt er als je die even loslaat?"
Vaak ontstaat juist in die ruimte meer creativiteit, intuïtie en innerlijke rust.
Praktische oefening
Ga enkele minuten stil zitten.
Laat alle rollen los.
Laat alle problemen los.
Laat alle doelen los.
Breng je aandacht naar je hart.
Herhaal langzaam:
"God."
Of:
"Ik Ben."
Of een woord dat voor jou verwijst naar de bron van het leven.
Voel hoe je aandacht zich terugtrekt uit de vele namen en verhalen.
Keer terug naar de stille aanwezigheid die er altijd al was.
Misschien ervaar je dan iets van wat deze les bedoelt: dat achter alle namen één werkelijkheid aanwezig is, en dat jij daar nooit van afgescheiden bent geweest.
Reflectievraag
Welke naam of identiteit gebruik ik momenteel om mezelf te definiëren, en wat zou er veranderen als ik mij herinnerde dat mijn diepste wezen veel groter is dan dat verhaal?
bodmamu