Deze les raakt misschien wel een van de meest radicale uitspraken uit Een Cursus in Wonderen:
"Er is één leven, en dat deel ik met God."
De meeste mensen ervaren zichzelf als een afzonderlijk individu dat geboren wordt, leeft en uiteindelijk sterft. We identificeren ons met ons lichaam, onze geschiedenis, onze successen en onze verliezen. Vanuit dat perspectief lijkt de dood het meest onvermijdelijke feit van het bestaan.
Deze les nodigt ons uit om alles wat we daarover denken opnieuw te onderzoeken.
Wat bedoelt deze les met leven?
De Cursus heeft het hier niet over biologisch leven. Niet over ademhalen, een kloppend hart of het functioneren van een lichaam.
Leven is volgens deze les het eeuwige bewustzijn dat zijn oorsprong in God heeft.
Dat leven kent geen gradaties. Het is niet meer aanwezig in de één dan in de ander. Het wordt niet geboren en sterft niet. Het verandert niet met leeftijd, gezondheid of omstandigheden.
Wij denken vaak:
"Ik heb een leven."
De Cursus zegt:
"Ik bén leven."
En dat leven is niet van mij persoonlijk. Het is één leven dat zich uitdrukt in allen.
De dood als gedachte van afgescheidenheid
Dat betekent niet dat lichamen niet lijken te sterven. De Cursus ontkent niet onze menselijke ervaring.
Ze stelt echter dat de diepste betekenis van dood niet lichamelijk is.
Dood is de overtuiging:
"Ik ben afgescheiden."
Afgescheiden van God.
Afgescheiden van anderen.
Afgescheiden van liefde.
Afgescheiden van mijn ware Zelf.
Vanuit die overtuiging ontstaan angst, verdriet, schuld, jaloezie, verlies en een voortdurend gevoel van kwetsbaarheid.
De les zegt zelfs dat iedere vorm van innerlijke onvrede een echo is van deze fundamentele vergissing.
Elke gedachte die zegt:
"Ik sta er alleen voor."
is een kleine vorm van de doodsgedachte.
Ideeën verlaten hun bron niet
Een belangrijk principe in deze les is:
Ideeën verlaten hun bron niet.
Zoals een zonnestraal niet losstaat van de zon, zo kan het geschapene niet werkelijk losstaan van de Schepper.
Als God liefde is, kan Zijn schepping niet wezenlijk angst zijn.
Als God leven is, kan Zijn schepping niet wezenlijk dood zijn.
Als God heelheid is, kan Zijn schepping niet werkelijk afgescheiden zijn.
Dat betekent niet dat wij niet dromen van afgescheidenheid.
Het betekent dat die droom nooit werkelijkheid wordt.
De droom van slaap
De Cursus gebruikt hier het beeld van slaap en ontwaken.
De denkgeest droomt dat hij iets anders is geworden dan hij werkelijk is.
Hij droomt dat hij een kwetsbaar lichaam is.
Hij droomt dat tijd werkelijk bestaat.
Hij droomt van verlies.
Hij droomt van dood.
Maar zoals iemand die ontwaakt ontdekt dat de nachtmerrie nooit werkelijk gebeurd is, zo ontdekt de ontwaakte denkgeest dat zijn ware natuur altijd onaangetast is gebleven.
Je bent nooit geworden wat je dacht te zijn.
Je bent alleen vergeten wat je bent.
De non dualistische betekenis
Deze les sluit opvallend aan bij veel non dualistische tradities.
In Advaita Vedanta wordt gezegd dat Atman en Brahman één zijn. Het diepste Zelf is niet afgescheiden van het Absolute. De dood betreft slechts de tijdelijke vorm, nooit het ware Zelf.
In het zenboeddhisme spreekt men over de oorspronkelijke natuur die nooit geboren werd en daarom ook niet kan sterven. Het lichaam verschijnt en verdwijnt, maar de ware aard van werkelijkheid is leeg van afgescheiden identiteit. Dit noemt men Sunyata.
Het taoïsme verwijst naar het Tao, de ene stroom waaruit alle verschijningsvormen voortkomen en waarin zij voortdurend rusten. De golf lijkt afzonderlijk, maar is nooit iets anders geweest dan oceaan.
Binnen het soefisme wordt gesproken over het verdwijnen van het afzonderlijke zelf in de ervaring van goddelijke eenheid, fana, waarna alleen de Liefde overblijft.
Ook binnen het christendom klinkt dit door wanneer Paulus zegt:
"Niet ik leef, maar Christus leeft in mij."
Het individuele ego treedt terug en het leven van God wordt herkend als het ware leven.
De verschillen tussen deze tradities zitten vooral in taal en metafysica. De ervaring waarnaar verwezen wordt is opvallend vergelijkbaar.
Wat betekent dit voor professionals en leiders?
In organisaties leven veel mensen vanuit de doodsgedachte zonder zich daarvan bewust te zijn.
Niet letterlijk.
Maar psychologisch.
De overtuiging:
"Ik ben mijn functie."
"Mijn waarde hangt af van prestaties."
"Als ik faal, verlies ik mijn bestaansrecht."
"Ik moet concurreren om genoeg te krijgen."
"Ik sta er alleen voor."
Vanuit die overtuigingen ontstaan stress, perfectionisme, controledrang en angst.
Deze les nodigt leiders uit om vanuit een andere identiteit te leven.
Niet vanuit tekort.
Maar vanuit verbondenheid.
Wanneer je beseft dat jouw waarde niet afhankelijk is van resultaten, ontstaat rust.
Wanneer je inziet dat de ander geen concurrent maar medemens is, ontstaat samenwerking.
Wanneer je niet voortdurend jezelf hoeft te bewijzen, ontstaat authenticiteit.
Bewust leiderschap begint bij de vraag:
Vanuit welke identiteit neem ik beslissingen?
Vanuit angst of vanuit verbondenheid?
Vanuit schaarste of vanuit vertrouwen?
Vanuit afgescheidenheid of vanuit het besef dat we uiteindelijk één leven delen?
Toepassing in coaching
Je kunt cliënten uitnodigen zichzelf af te vragen:
Welke overtuiging maakt mij nu klein of bang?
Welke vorm van afgescheidenheid geloof ik op dit moment?
Wat zou er veranderen als ik mij herinner dat mijn waarde niet ter discussie staat?
Wie ben ik zonder het verhaal dat ik mezelf voortdurend vertel?
Vaak blijkt dat onder prestatiedruk, onzekerheid of conflicten een diepere angst schuilgaat:
"Ik ben niet veilig."
"Ik ben niet genoeg."
"Ik ben alleen."
Deze les nodigt uit die overtuigingen niet te bestrijden, maar erdoorheen te kijken.
Niet als waarheid.
Maar als een droom die ontwaakt mag worden.
Een praktische oefening voor vandaag
Neem enkele momenten van stilte.
Adem rustig in en uit.
Voel je lichaam.
En spreek langzaam:
Er is één leven, en dat deel ik met God.
Laat daarna de volgende woorden binnenkomen:
Het leven dat ik werkelijk ben kan niet beschadigd worden.
Het leven in mij is hetzelfde leven in ieder ander.
Ik hoef niets te worden wat ik niet al ben.
Ik ben niet afgescheiden van liefde.
Blijf enkele minuten in die openheid rusten.
Misschien begrijp je deze woorden nog niet volledig.
Dat hoeft ook niet.
Laat ze werken als een herinnering aan iets wat dieper in jou al weet dat het waar is.
Want onder alle rollen, verhalen, successen en verliezen leeft een stille werkelijkheid die nooit geboren werd en nooit zal sterven.
Daar ontmoeten wij elkaar.
Daar is maar één leven.
En dat leven delen wij met God.
bodmamu